
(Sergeant-majoor) Derk-Jan ten Hove is afdelingshoofd chirurgie in het ziekenhuis Sint Jansdal in Harderwijk. Na zijn dienstplicht in 1995 was hij BBT’er. Na uitzendingen in Bosnie en Kosovo, is hij sinds 2005 reservist.
Twee jaar geleden nam ik vanuit mijn functie contact op met 400 Geneeskundig Bataljon (400 Gnkbat). Mijn vraag was of een samenwerking tussen ziekenhuis en de landmacht mogelijk was. De contactpersoon van 400 Gnkbat reageerde enthousiast en vroeg mij meteen of ik reservist wilde worden. Met mijn specialistische deskundigheid zou ik “genezeriken” bij de landmacht kunnen opleiden. Naast het lesgeven, ben ik voor het ziekenhuis het contactpunt met de landmacht.
Het verschil tussen werken in een ziekenhuis en werken bij de landmacht is vooral de saamhorigheid. Bij de landmacht heerst veel minder een acht-tot-vijf mentaliteit. Daardoor is het groepsproces bij de landmacht veel groter. Wanneer ik tijdens een oefening mensen instrueer zijn ze altijd enorm enthousiast, hoewel ze fysiek moe zijn van de oefening. Ik zie de hierarchie bij defensie ook als voordeel. Het hele militaire denken, de appels en de discipline is voor iedereen duidelijk. Het is recht door zee, iedereen weet waar de grenzen liggen.
De samenwerking tussen de landmacht en ziekenhuizen zorgt ervoor dat ‘Algemeen Militair Verpleegkundigen’ (AMV’ers) aansluiting vinden met de maatschappij. Het begon in ons ziekenhuis als proef bij de afdeling chirurgie. Vanwege het succes raken steeds meer collega’s van andere afdelingen geintresseerd in de AMV’ers. In Afghanistan worden veel AMV’ers geconfronteerd met zieke kinderen. Daarom kreeg ik onlangs het verzoek of het misschien mogelijk was dat er AMV’ers op de kinderafdeling konden meedraaien. Zo kun je een hoop voor elkaar betekenen.
Ik vind het niet zo moeilijk om mijn werk te combineren met het reservistenleven. Ik heb hiervoor goede afspraken gemaakt met mijn baas. Zo kan ik mijn reservistenwerk compenseren met overuren die ik maak. Ook mijn gezin heeft er geen moeite mee dat ik soms van huis ben. Ik was al militair toen ik trouwde, dus mijn vrouw is het gewend. Ik heb twee kinderen en vooral mijn zoon vindt het leuk als ik mijn GVT aanheb. Het extra geld dat ik krijg voor oefeningen, zet ik vaak opzij voor het gezin. Daar gaan we dan vaak iets leuks mee doen.